Struikelstenen

In de ontvangsthal van Nationaal Monument Kamp Vught is tot en met 31 augustus een aantal originele struikelstenen te zien. Met elke struikelsteen wordt een Joodse inwoner van ’s-Hertogenbosch herdacht die tijdens de Duitse bezetting – soms via Kamp Vught – is vermoord in een vernietigingskamp. Diverse stenen zijn voorzien van een foto van het slachtoffer.

De negentien struikelstenen die in Nationaal Monument Kamp Vught te zien zijn, vormen een selectie van de 61 struikelstenen die vanaf oktober 2020 worden onthuld aan en rond de Van der Does de Willeboissingel in ’s-Hertogenbosch. De komende vier jaar plaatst de Stichting Struikelstenen ’s-Hertogenbosch stenen voor alle 293 vermoorde Joodse inwoners van de stad.

Enkele van de struikelstenen die in oktober worden gelegd in de Bossche binnenstad.

De Duitse kunstenaar Gunter Demnig bedacht in 1994 de ‘Stolpersteine’: betonnen steentjes van 10 bij 10 centimeter, met aan de bovenzijde een messing plaatje. Daarop is de naam van een slachtoffer van het naziregime gegraveerd. Een struikelsteen wordt in het trottoir gelegd vóór de woning waarin het slachtoffer voor het laatst in vrijheid heeft geleefd. Erover struikelen doet men niet, maar een struikelsteen drukt de voorbijganger wel met de neus op de gruwelijke feiten. Inmiddels ligger er al meer dan 75.000 stenen in ruim 1.600 steden, verspreid over twintig landen.

De vitrine met de originele struikelstenen is te zien in de ontvangsthal.