28 maart 1943

“De man naast mij is vanmorgen gestorven. Hij lag al dagen met een geel strak gezicht. Vanmorgen deed de dokter zijn ronde, toen een paar mensen hem riepen naar dat bed. Stilte en verwarring tegelijk. Hij lag met zijn hoofd op een schouder.”

(David Koker, Dagboek geschreven in Vught)