2 juni 1944

“Ik werd met de gehele groep Joden van het Philips Kommando, naar ik meen 95 mannen en een 350 vrouwen en meisjes en kinderen op transport gesteld. Om 3 uur ’s middags was er groot alarm. We, de Joden, werden uit de werkbarakken gehaald en op de appèlplaats bijeengedreven, kregen na een paar uur wachten in de zgn. Bekleidungskammer burgerkleren en schoenen, kregen buiten te eten, en na weer eindeloos wachten ging het tegen 11uur ’s avonds op mars naar de Vughtse heide, waar op het eerder aangelegde aansluitspoor naar het kamp een goederentrein gereedstond (…) werden we de trein ingejaagd die tegen 12 uur vertrok richting Nijmegen.”

(Oud-gevangene M. Cohen)