17 augustus 1943

Vader, moeder, broers en zusters van een Nederlandse politieman (ondergedoken omdat hij weigerde voor de Duitsers te werken) zijn gearresteerd en worden in Vught als gijzelaars gevangen gezet. “In het badhuis van ‘Vught’ raken we alles kwijt, we houden niets over. Zij, die een horloge of ring bezitten, moeten ook die dingen inleveren.”

(Uit: Ondergedoken politie gestraft)