11 september 1943

Eddy Wijnschenk vertrekt vandaag met een transport uit Vught. Via Westerbork wordt hij gedeporteerd naar Auschwitz-Birkenau. Hier blijft hij tot november 1944. Er volgen nog een aantal kampen en in de laatste winter een dodenmars. Gevraagd naar zijn bevrijding, zegt hij: “11 april 1945, mijn hele familie vermoord, ik woog zeventig kilo en mijn tien tenen waren afgeknipt. Thuis Komen? Er was geen thuis.”

(J. de Moei, Joodse kinderen in het kamp Vught)