11 juli 1943

“De groep [kommando-Lagerreinigung] was veel te groot in verhouding tot het werk dat gedaan moest worden. Toch werd verlangd dat men voortdurend werkte. Men mocht niet stilstaan, men mocht niet met lege handen worden aangetroffen. De krankzinnigste situaties ontstonden hierdoor. Tientallen keren werd een straatje(…) opnieuw aangeveegd, een pad (…) opnieuw geharkt (…) want die SS’ers kenden maar één devies: Beweging! Doorwerken!”

(Oud-gevangenen P.J. Stavast in: L. de Jong, Het Koninkrijk der Nederlanden in de Tweede Wereldoorlog)