A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W Z

Smit, Petrus van der

Geboren op 18 december 1913 te Rotterdam
Omgebracht op 29 juli 1944 in Kamp Vught, 30 jaar

Peter woont voor de oorlog in Terneuzen. Hij is daar eigenaar van een muziekwinkel. Daarnaast studeert Peter orgel en compositie. In Terneuzen houdt hij zich ook bezig met de padvinderij. Via de padvinderij komt hij in contact met het verzet. Daar staat Peter ook wel bekend als Peter de Wit of Peter Kranendonk. In mei 1940 is Peter hospitaalsoldaat terwijl hij in Terneuzen lid is van de NSB. Hij zou het zelfs tot jeugdstormleider gebracht hebben.

Betrouwbaar?

In de winter van 1940-’41 wordt Peter door het verzet gescreend op zijn betrouwbaarheid. Niemand schijnt aan hem te twijfelen. Alleen de NSB vertrouwt hem niet. Volgens Samuel, die Peter het verzet moet binnenbrengen, is Peter NSB′er geworden om de partij van binnenuit te beschadigen en van al hun plannen op de hoogte te zijn.

Drukkerij

Eind 1942 keert Peter terug naar Schiedam, de plaats waar hij is opgegroeid en waar ook zijn ouders wonen. Hij laat zich inschrijven op het adres van zijn ouders, maar woont in werkelijkheid enkele straten verderop bij zijn drukkerij. In deze drukkerij drukt Peter onder meer het CPN blad “De Waarheid”, en “Trouw”. Peter houdt zich verder bezig met het verzamelen van wapens die door de geallieerden worden afgeworpen. Hij is leider van zijn verzetsgroep, maar sluit zich niet aan bij de landelijke organisatie van de verzetsgroepen. In mei of juni 1944 krijgt een Rotterdamse SD′er een tip van een Duitser. Deze Duitser kent een vrouw die schuin tegenover Peters drukkerij woont. De SD besluit dan bij de drukkerij te gaan kijken. Wanneer de SD langskomt doet de buurjongen open die vertelt dat Peter de volgende dag aanwezig zal zijn. Op 15 juni 1944 informeert de SD bij Peters ouders of hij thuis is met de smoes dat ze drukwerk voor hem hebben. Daarna valt de SD de drukkerij binnen en wordt de buurjongen, Nico, ernstig mishandeld. Hij vertelt na deze mishandeling dat Peter zich op dat moment in Amsterdam bevindt.

Inval

In de nacht van 15 op 16 juni 1944 valt de SD bij de ouders en zus van Peter binnen. Zijn vader laat een joodse man die bij hen onderduikt via het dak ontsnappen en zijn moeder ziet nog kans mogelijk belastende papieren te vernietigen. De onderduiker wordt van het dak gehaald en mishandeld. Ook de vader van Peter wordt bij de inval mishandeld. Vader, moeder en dochter worden naar Rotterdam gebracht. Zij worden de volgende dag verhoord en op transport gesteld naar Kamp Vught. Daar aangekomen worden zij afzonderlijk van elkaar opgesloten en verhoord.

Valstrik

Een paar weken daarvoor, eind mei 1944, is Peter naar Den Haag vertrokken. Hij zal daar een gesprek hebben met twee verzetslieden over een wapen dropping, althans dat denkt hij. In werkelijkheid werken deze zogenaamde verzetslieden voor de Duitsers. Doordat Peter met één van beiden als hospitaalsoldaat heeft gediend in de meidagen van 1940, vermoedt hij niets van de val die voor hem wordt opgezet.

Wapendropping

De wapen dropping zal uiteindelijk op 16 juni 1944 in Helvoirt plaatsvinden. Peter gaat van tevoren met zijn vriendin naar een familie in Gorinchem en roept de hulp in van het verzet in het Land van Heusden en Altena. Nog vóór dat ze op pad gaan worden ze per telefoon gewaarschuwd de zaak niet te vertrouwen. Ondanks dat besluiten ze toch, behoedzaam, naar Helvoirt te gaan. De vriendin van Peter blijft in Gorinchem. In Helvoirt staat ondertussen de SD met 30 man klaar om Peter en zijn helpers te arresteren. Dankzij de waarschuwing vertrouwt Peter de zaak niet en stuurt drie man vooruit naar het terrein waar de wapen dropping zal plaatsvinden. Deze drie mannen worden daar direct gepakt, en bewerkt totdat ze teruggaan naar Peter om hem te vertellen dat het veilig is. Wanneer allen op de bewuste plek aankomen gaan zij een schuur binnen. Daar schiet de SD nog op de verzetsmannen. Wim Kempers komt daarbij om het leven en Roelof van den Bergh raakt zwaar gewond. Alle verzetslieden worden vervolgens in een vrachtwagen naar Kamp Vught gebracht. Daar worden ze steeds in het bijzijn van een andere verzetsman verhoord en gemarteld om ze tot praten te dwingen. Peters zus ziet hem nog in Vught, en weet daardoor dat hij is opgepakt. Om 5 uur in de ochtend van 29 juli 1944 wordt de hele groep door de Duitsers te Vught gefusilleerd. Het lichaam van Wim Kempers wordt ook in Vught verast.

Familie

De vriendin van Peter hoort in Gorinchem dat Peter is opgepakt en duikt direct onder. Zij ziet Peter nooit meer terug. Peters zus wordt op 3 augustus 1944 door de Duitsers uit Kamp Vught vrijgelaten. Half augustus haalt ze in Den Haag bij de SD Peters spullen nog op. De ouders van Peter worden in september 1944 bij de ontruiming van Kamp Vught naar Duitsland getransporteerd. Beiden komen in een concentratiekamp om het leven. Aan de loyaliteit van Peter wordt ook na de oorlog nooit getwijfeld.

Heeft u meer gegevens en/of een foto? Laat het ons weten: uw informatie is welkom via info(at)nmkampvught.nl

Bronnen:

  • Sterbebuch 1944
  • Bas van Bochove, Ser Louis en Herman Noordegraaf. Schaduwen over Schiedam. Fonds Historische Publikaties Schiedam in samenwerking met het Gemeentearchief Schiedam. 1996 2 delen. Deel 2 pag. 9-37. ISBN 90-70450-25-9J.
  • Buitkamp. Verzet in West-Brabant. Deel 2: De Biesbosch en het Land van Heusden en Altena. Breda : Generaal Maczek Museum. ISBN 90-72107-01-2
  • Archief Nationaal Monument Kamp Vught