A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W Z

Penning, Jan Willem Hendrik

Geboren te Deventer op 21 september 1917
Omgebracht in Kamp Vught op 10 augustus 1944, 26 jaar

Werkzaam bij Philips

Vijf maanden na de Duitse inval studeert Jan Penning aan de Technische Hogeschool in Delft als werktuigbouwkundige af. Begin 1941 gaat hij voor Philips in Enschede werken, waar het hem algauw tegen de borst gaat stuiten dat het leeuwendeel van de productie naar Duitsland verdwijnt. In het voorjaar van 1942 houdt Penning het voor gezien bij het electronicaconcern.

Vrij Nederland en Trouw

In Enschede wordt Penning actief als verspreider van verzetskrant Vrij Nederland. Eind 1942 leidt onenigheid over de politieke koers van de krant en over de verhouding tussen redactie en verspreidersorganisatie tot een scheuring. Penning gaat met de door Wim Speelman geleide opposanten mee naar het nieuwe verzetsblad Trouw, waarvan het eerste nummer begin 1943 verschijnt.

‘Pardon, heer directeur’

Inmiddels is Penning leraar geworden op de Enschedese Hogere Textielschool, waarvan zijn vader onderdirecteur is. De directeur is een NSB’er wiens deutschfreundlichkeit in februari 1943 tot een staking leidt. Penning senior weet de gemoederen tot bedaren te brengen, maar algauw slaat de vlam weer in de pan wanneer de directeur in een toespraak van ‘ons voormalige koningshuis’ rept. ‘Pardon, heer directeur,’ staat Penning junior op. ‘U bedoelt ons huidige koningshuis?’ Hij wordt op staande voet ontslagen.

Met bezwaard hart bij Trouw

In de herfst van 1943 komt Penning aan het hoofd van de Trouw-verspreiding in de Achterhoek te staan, overigens zonder dat hij met hart en ziel achter de krant staat. Haar antirevolutionaire dan wel gereformeerde toon kan Penning, die onkerkelijk is, niet bekoren. Samen met zijn verloofde Mies Bruijnen, een vrijgevochten Rotterdamse die van vrijzinnig-hervormde huize is en Trouw in Limburg verspreidt, uit hij regelmatig harde kritiek op de inhoud van de krant. Meerdere malen heeft Penning er de brui aan willen geven, maar de kranige verzetsgeest die Trouw ventileert, weerhoudt hem er telkens van.

Arrestatie en doodvonnis

Eind juni 1944 wordt Penning bij Epse, een paar kilometer onder zijn geboorteplaats Deventer, aangehouden omdat hij in spertijd nog op straat is. Uit zijn fietstassen komen bundels met Trouw-nummers tevoorschijn. Penning wordt geïnterneerd in de SD-Polizeigefängnis in Haaren, vanwaar hij een maand later, eind juli, naar Kamp Vught wordt overgebracht. Op 5 augustus 1944 wordt hij er ter dood veroordeeld en vijf dagen later gefusilleerd. Pennings naam staat vermeld op een bronzen gedenkplaat die in de voormalige Hogere Textielschool in Enschede hangt: ‘In Memoriam 1940-1945’.

Bronnen:

  • Onderzoek en tekst: Peter Bak
  • Sterbebuch 1944
  • archief Trouw, Historisch Documentatiecentrum voor het Nederlands Protestantisme (1800-heden) van de Vrije Universiteit
  • Erelijst van Gevallenen 1940-1945